Inez Weski blogt: “Ik vrees dat de gemiddelde politicus liever twittert.”
Advocaat Inez Weski ging met Tweede Kamerlid Madeleine van Toorenburg (CDA) in debat over telefoontaps.
Tijdens de overigens zeer aangename uitzending heb ik getracht de structureel bijna achteloze wijze waarop taps worden toegepast weer te geven en de onmogelijkheid voor de verdediging om dit opsporingsmiddel te toetsen.
Helaas wordt vaak gemeend dat zonder dergelijke taps geen opsporing mogelijk is en dat dan vooral allerlei moordenaars blijven rond waren. Een fundamentele misvatting. Taps worden vooral ingezet bij onderzoeken naar fraude, de Opiumwet en organisaties in dat kader. Bij geweld als moord, wordt meestal gestart met het onderzoek nadat het feit is gepleegd. Succes is vooral afhankelijk van goed sporen- en getuigenonderzoek, dus vooral ouderwets recherchewerk. Te veel wordt vertrouwd op virtuele techniek, opsporing op luie afstand. In andere landen blijkt dat eerder het principe geldt: hoe minder taps, hoe meer opgeloste zaken.
Overigens vrees ik dat de cijfers van die meer dan 2200 taps per dag in Nederland slechts een klein deel van de werkelijkheid vertegenwoordigt. Omdat vermoedelijk niet de inktvlek aan betrokkenen die met die persoon worden getapt is gemeten en vooral ook niet al die personen die door andere diensten als de AIVD worden beluisterd, of al die mensen die direct worden afgeluisterd (de OVC), hetgeen tegenwoordig in vele onderzoeken in woningen, slaapkamers, auto’s, kantoren worden toegepast.
Steeds weer worden overigens ook de geheimhouderrechten met die taps getroffen. Zoals ik maanden geleden bemerkte toen ik aan cliënten vroeg in welke ruimtes in het huis van bewaring men nu direct werd afgeluisterd en zelfs soms gefilmd werd als men die OVC bij hun privébezoek bleek te hebben toegepast. Het bleek te gaan om de advocatenkamer. Ik heb enige tijd geleden verschillende advocaten in den lande gewaarschuwd voor dit verschijnsel en voorgesteld in een spoedprocedure waarborgen te eisen.
In Nederland lijkt een soort murwheid te bestaan tegen al die registratiedwang van overheden en het koppelen van al die databases. Men begrijpt kennelijk niet, dat het brein en het leven slechts zich kan uiten door te communiceren, door te lezen, te bewegen, te praten. Dat alle gegevens nationaal en internationaal worden gedeeld, besproken en gewogen en vooral ook nog via al of niet opzettelijke vergissingen tot vergaande gevolgen kunnen leiden.
Ik heb moeten meemaken dat door Nederland naar verschillende landen verkeerde informatie als veroordelingen voor moord werd gestuurd en in dat buitenland gewoon als bewijs in het vonnis werd genoemd. Het verbaast mij steeds, dat die digitale doorkoppeling van allerlei bestanden ondanks de steeds weer gebleken onbetrouwbaarheid daarvan, en van de mensen die deze beheren, men nog steeds vrolijk weer een nieuw kastje toevoegt aan dit geheel. Kennelijk is men vergeten dat dergelijke kastjes software bevatten en niet alleen voor storingen en fraude vatbaar zijn, maar zoals ooit met een door een buitenlands bedrijf aan Nederland geleverd tapsysteem is gebeurd zelfs wat extra gratis software kan bevatten, dat eventueel buiten de besteller om gegevens ten behoeve van onbekende derden verwerkt en verzendt.
Ongetwijfeld zal de aanschaf van al die nieuwe apparatuur, naast de al bestaande poortjes, scanapparaatjes, camera’s met of zonder gezichts-, emotie- en kentekenherkenning, en al die gekoppelde analyseapparatuur weer heel wat leuke offertes, budgetoverschrijdingen, fraude en rekenkamerrapporten tot gevolg hebben.
Ik vrees dat de gemiddelde politicus liever twittert, of men nog überhaupt ademt in de Tweede Kamer.
