Jan Stikvoort blogt: "Studio Plantage, rommelig en inspirerend"

Korpschef Jan Stikvoort stoorde zich aan de sterke taal van politici over de incidenten in Gouda. Zo ook aan de uitspraken van VVD’er Laetitia Griffith. Ze zei onder meer dat het land “in brand staat.” In Pauw & Witteman een discussie tussen Stikvoort en Griffith.

1. Uitnodiging
Deze werd in de ochtend op tijd gedaan, waardoor er ook nog tijd was van overweging. Er werd niet om “exclusiviteit” gevraagd wat ik heb gewaardeerd. Gaande de ochtend is nog overleg geweest over wie de counterpart zou kunnen zijn en vooral ook: wie niet.
Keurig was het dat vervoer van en naar de studio werd aangeboden.

2. Ontvangst
Studio Plantage vind ik een inspirerende omgeving, ‘rommelig’, ontspannen en zeer aantrekkelijk. De ontvangst door de gastvrouw was aller aardigst, vriendelijk en voorkomend. Ook mijn gasten werden keurig behandeld. Vervolgens naar de schmink, geen probleem, snel en adequaat. Beide presentatoren voegden zich voor aanvang van de uitzending bij hun gasten. Ze besteedden ruim tijd aan kennismaken en even over de actualiteit spreken. Dit geeft een ontspannen sfeer die mijns inziens ook in het programma doorwerkte.

3. Programma
Ik heb het live interview/ debat als zeer prettig ervaren met name door de wijze waarop P & W het gesprek begeleidden. Kreeg tijd om uit te praten, kleine correctie wanneer van het onderwerp werd afgedwaald en toch gelijktijdig ruimte voor wat ‘grappen’. Heb ik als zeer positief ervaren.
De studio zelf is eveneens een prettige omgeving, klein, gemoedelijk en verbinding makend.

4. De nazit
Wat mij erg goed beviel is dat zowel de gasten als de presentatoren elkaar na de uitzending kunnen ontmoeten. Het is duidelijk dat P & W zich hadden voorgenomen beide op hun beurt met iedere gast even na te praten. Niet gehaast, tijd nemend. Dat gaf bij mij een heel betrokken gevoel, ook dat heb ik op prijs gesteld. Vervolgens vertrok ik nog met een fles wijn!

Eigenlijk kan ik niets te verbetering meegeven. Ik heb mij de gehele avond uiterst ontspannen gevoeld (ondanks het onderwerp) vooral door de voortreffelijke opvang van de medewerkers en de heren Pauw en Witteman. Ik hoop bij een eventuele volgende keer dit wederom te mogen ervaren.

Klik hier om de betreffende uitzending te bekijken

Johan Faber blogt: "Achteraf zijn er altijd dingen die je nog had willen zeggen"

Johan Faber is de schrijver van het boek Wat bezielde Volkert van der G.? Faber blogt over gezonde spanning bij een tv-optreden, over ‘rotvragen’ van Jeroen en Paul en over Guusje ter Horst “wat een leuke vrouw!”, aldus de schrijver.

Ik blijk als laatste gast aan de beurt te zijn. Dat geeft me ongeveer drie kwartier om ‘gezonde spanning’ op te bouwen. En geloof me: spanning is gegarandeerd bij een tv-optreden. Ik heb het al een paar keer meegemaakt, maar het blijft een enorme heisa: make-up, lampen, camera’s, mensen die een microfoon aan je jasje plakken, aan je stoel sjorren, enzovoorts.

Terwijl Guusje ter Horst (wat een leuke vrouw!) aan het woord is, wordt mijn aandacht getrokken door het exemplaar van De Telegraaf, dat voor me op tafel ligt. Boven de watersnoodkop ‘DIT IS GOUDA’, lees ik: ‘Royston Drenthe negeert Foppe de Haan’.
Kijk, dat vind ik nou veel interessanter dan dat stomme Gouda. Via-via hoorde ik een paar weken geleden dat Drenthe in Peking een keer de spelersbus van het Olympisch elftal liet stilzetten, omdat hij een horloge wilde kopen (prijs: 10.000 euro). Ik zeg: negeren die man.
Dan mag ik eindelijk van wal steken – van de Finse YouTube-moordenaar naar Volkert, een fraai bruggetje. De spanning glijdt direct van me af.

Pauw & Witteman willen precies weten hoe ik Volkerts vriendin precies benaderde en hoe zij reageerde. Rotvragen. Ik ben terughoudend, wil niet te veel in haar privacy treden. Maar zodra het over het boek en over Volkert gaat, kom ik los. Ik zeg dat Volkert in zekere zin buiten de realiteit stond toen hij de moord pleegde. Dat hij al lang voor de moord op Fortuyn een grens had overschreden.

Achteraf zijn er altijd dingen die je nog had willen zeggen. Dat de feiten over Volkert pas betekenis krijgen als je ook een verhaal vertelt. Dat ik in de eerste plaats Volkert tot leven wilde brengen, een geloofwaardig karakter van hem wilde maken.

Na afloop, aan de borreltafel, schuift de minister me het exemplaar toe dat ik haar voor de uitzending al had gegeven – ze wil dat ik het signeer. Zoals ik zei: een leuke vrouw. Zo’n minister (prachtig gekleed bovendien, in een mooi roze ensemble) is goud waard voor het imago van de regering. ‘Voor Guusje,’ schrijf ik. Na een moment van aarzeling zet ik er ‘ter Horst’ achter.