Fouad el Haji: "Ik noem toch man en paard"

Het Rotterdamse PvdA-gemeenteraadslid Fouad el Haji hintte bij Pauw & Witteman op Kamerleden die door de Marokkaanse geheime dienst benaderd waren. Hij wilde geen namen noemen. El Haji bedacht zich na de uitzending. In dit blog noemt hij man en paard.

Gisteravond was ik te gast bij het Pauw & Witteman en heb daar op scherpe toon de bemoeienis van de Marokkaanse overheid in Nederland aangekaart. De kern van mijn verhaal is dat ik een maatschappelijk probleem wil aankaarten. Het probleem van die niet aflatende bemoeizucht is iets waar de samenleving veel last van heeft. Het haalt het fundament onder de integratie vandaan en zorgt voor maatschappelijk onrust en dat voor een bevolkingsgroep die al genoeg problemen heeft. Deze boodschap kun je niet hard genoeg uitdragen. Ik heb lang genoeg nagedacht over hoe je iets lelijks op een elegante manier naar buiten kunt brengen. Ik heb deze manier niet kunnen vinden en het was ook niet mijn eerste prioriteit.

Tijdens de uitzending werd mij gevraagd om man en paard te noemen. Ik heb dit niet gedaan omdat ik dat niet als mijn taak zag. Daar zijn andere instanties voor. Ik vind het bovendien ook niet zuiver. Zo dacht ik er gisteren over.

Na afloop bleef bij mij nog wel de vraag hangen of het toch niet handiger was om de naam te noemen van het Kamerlid dat benaderd was door de Marokkaanse geheime dienst. Als politicus is het mijn taak om trends en ontwikkelingen te signaleren en aan te kaarten. Dat heb ik gedaan toen ik de bemoeizucht van de Marokkaanse overheid aan de kaak stelde en dat deed ik niet voor het eerst. Daarbij vertel ik mijn eigen verhaal, want dat is wat ik kan bewijzen. Ik weet heel goed van anderen dat zij ook benaderd worden. Ik had ze nota bene net aan de lijn. Bij Pauw & Witteman aan tafel hun namen noemen, is niet mijn taak. Ik ben namelijk geen spion.

In het geval van het voormalige Tweede Kamerlid was het bij nader inzien misschien slimmer om wel man en paard te noemen. Niet alleen omdat hij pertinent heeft geweigerd om gehoor te geven aan de Marokkaanse oproep, maar vooral omdat je een sfeer van verdenking creëert rond zittende Tweede Kamerleden van Marokkaanse komaf.

Helpt het dan om die naam wel te noemen? Nee dus, want daarmee zeg je niets over de namen die je niet noemt. Geldt dan voor hen het spreekwoord: wie de schoen past, trekt hem aan? Nee, dat is mijn bedoeling helemaal niet. Ik beweer niet dat politici zich laten fêteren, ik beweer alleen dat de Marokkaanse overheid hen stelselmatig benadert, en dat kan ik bewijzen. Deze praktijken moeten een halt worden toegeroepen. De voormalige parlementariër in kwestie is Ali Lazrak. Het was Ali die weigerde in te gaan op het verzoek van Marokkaanse overheid. Zo kennen we Ali ook en hij doet er, net als ik, niet geheimzinnig over.

De laatste die dit probleem van de Marokkaanse lange arm destijds met succes heeft bestreden, was wijlen Ien Dales. Het is de hoogste tijd dat er weer iemand opstaat en dat mag van mij ook een Kamerlid zijn. Ik heb Kamerleden zeer hoog, heus!