Jan Pronk blogt: "Eén van de jongens gaf mij een vliegtuigje. Hij gaf zijn perspectief aan mij"

In zijn nieuwe boek Het pantser afleggen uit politicus Jan Pronk zijn zorgen over de situatie in de derde wereld. Hij oppert in het boek ideeën voor een open politiek. Pronk zet zich al jaren in voor ontwikkelingslanden.

We spraken over kwetsbare rijkdom en permanente ellende. Derk Sauer schetste hoe puissant rijke kapitalisten in Rusland getroffen zijn door de financiële crisis. Ik was uitgenodigd omdat ik een boek had geschreven over solidariteit met de onderklasse. Ik vertelde over vluchtelingen in Somalië, Kongo en Soedan, levenslang tot crisis gedoemd. De beelden van Goma en Darfur staan in mijn geheugen gegrift. Ik kan daar niet afstandelijk over spreken, zoals Boekestein en Rutten dat doen, wanneer zij pleiten voor minder hulp. Zolang er geen eind komt aan het geweld is hulp de enige levenslijn. Die mag je niet doorsnijden.

In mijn boek beschreef ik een ontmoeting, jaren geleden, met een jonge Soedanese vluchteling in het kamp Kakuma. Ik was met een klein vliegtuigje gekomen. Het stond op een zanderige landingsbaan. Vlak voor mijn vertrek sprak ik met een groep jongens. Perspectief in het kamp hadden ze niet, erbuiten evenmin. Soms vielen rebellen ’s nachts het kamp binnen om jongens gevangen te nemen en te rekruteren.

Eén van de jongens gaf mij een vliegtuigje. Hij had het zelf gemaakt van blik. Wrakkig, maar kunstig. Het was het symbool van de enige verbinding met de buitenwereld. Ik wilde het niet aannemen. Het was alles wat die jongen had. Maar ik mocht niet weigeren. Hij gaf zijn perspectief aan mij mee.

Sindsdien staat het op mijn bureau. Ik kan er niet omheen kijken. Die jongen deed een beroep me. Vandaar de titel van het boek dat ik schreef: Het pantser afleggen, het pantser van onze onverschilligheid en zelfgenoegzaamheid.

Na de uitzending begreep ik: een donorcodicil is ook een levenslijn. Ik ga er vandaag nog werk van maken.

Bekijk hier de hele uitzending.

Kim Moelands blogt: "Vanmiddag tekende de Tweede Kamer mijn doodvonnis"

Met het boek Ademloos wil Kim Moelands zowel haar levensverhaal vertellen als mensen wijzen op het belang van een donorcodicil. De 33-jarige Moelands lijdt aan taaislijmziekte, een ziekte waarmee je niet ouder wordt dan 40.

Mijn eerste keer bij Pauw en Witteman en ik word op handen gedragen, al voor de uitzending. Ik fantaseer dat het is omdat ik een goed boek heb geschreven, of omdat ik zo gezellig kan kletsen voor de camera, of dat Jeroen Pauw me gewoon een lekker wijf vindt. De realiteit ligt iets anders. Ik ben heel ernstig ziek en het verwoestende proces in mijn longen maakt dat ik simpelweg niet in staat ben om de enorme trap naar de studio zelf te bestijgen. Daarom tillen twee sterke mannen me naar boven. Ondanks hun zware inspanning hijg ik het hardste van ons drieën. Ik ben ontzettend benauwd. Eenmaal aan de ovale tafel constateer ik dat mijn rode truitje leuk kleurt met het decor.

Ik hijg en ik puf. Ik voel me als de ballon in de doos op mijn boekcover. Ik wil vliegen, zweven, maar door mijn ziekte zit ik klem in een te kleine doos. Ik ga verder met fantaseren. Ik denk aan donorlongen. Aan de tweede kans die ze me zouden geven, aan het genot van vrij kunnen ademhalen, vrij kunnen leven. Ademloos inruilen voor moeiteloos. Ik kijk op en zie Hans van Baalen. Ras-VVD’er. Hij is tegen het wijzigen van de huidige wet op de orgaandonatie. Hij heeft principiële bezwaren tegen het ADR-systeem, je bent dan automatisch donor tenzij je actief aangeeft dat niet te willen zijn. Hij wil overleggen, plannen vergelijken. Maar dat ene plan dat als beste uit de bus komt na gedegen onderzoek
van de commissie Terlouw wil hij niet overwegen. Ik vraag hem of hij zich realiseert dat terwijl hij praat en overlegt mensen op de wachtlijst voor een donororgaan sterven. Hij wordt rood tot achter in zijn nek. Net als mijn rode truitje, kleurt hij ineens ook heel gezellig bij het decor.

De Nederlandse bevolking is massaal voor het ADR-systeem. We leven in een democratisch land. De wens van de bevolking dient volgens de democratische principes door de volksvertegenwoordigers uitgevoerd en gerespecteerd te worden. Ik vraag om uitleg. Meneer van Baalen ik wacht op antwoord. Een zinnig antwoord. Het blijft uit.

Tijdens de borrel na de uitzending lijkt meneer van Baalen toch wel met de situatie in zijn maag te zitten. Hopelijk niet te erg want een maagtransplantatie wordt een lastig verhaal dankzij zijn principiële bezwaren. En dan spreekt hij de legendarische woorden: “Als het om mijn eigen zoontje ging dan zou ik wel weten wat ik zou willen…” Voel ik me even genaaid… Ik maar denken dat ik in een democratisch land leefde. Maar nee, ik ben voor het lapje gehouden. We leven in een land waar opportunisme regeert. Meneer van Baalen trekt zijn principiële bezwaren net zo makkelijk door de plee als minister Klink het ADR-voorstel van de commissie Terlouw. En meneer van Baalen is niet de enige. Nederland beweert principieel tegen de doodstraf te zijn, maar vanmiddag tekende de Tweede Kamer met grote meerderheid mijn doodvonnis en dat van vele anderen.


Klik hier om de betreffende uitzending te bekijken

Naar de persoonlijke website van Kim Moelands

Hans van Baalen blog: "Aangegrepen door Kim, maar orgaandonatie blijft vrije keuze"

VVD’er Hans van Baalen ging met SP’er Jan Marijnissen in debat. Van Baalen nam het op voor John McCain, Marijnissen voor Obama. Toch liet het gesprek over orgaandonatie een diepere indruk achter bij Van Baalen.

Het is altijd goed om aan de stamtafel van Pauw & Witteman aan te schuiven. Soms is het een leuke babbel over de waan van de dag. Soms graaft het diep. Gisteravond was ik erg aangegrepen door de lotgevallen van Kim Moelands die taaislijmziekte heeft, wat haar zekere dood zal betekenen. Er is geen donorlong beschikbaar die haar leven kan redden. Het is te laat. Eerst was haar man aan de beurt en nu zij, even in de dertig. Hoe onrechtvaardig is het en wat blijft ze sterk en opgewekt.

Kim heeft niets aan afwegingen van principiële aard. Toch moeten die gemaakt worden. Dat is een duivels dilemma. Als mijn zoon Robert, die nu twee-en-een-half jaar oud is, zou sterven als er geen donororgaan ter beschikking was, dan was de keuze voor mij als vader helder. Hij krijgt dat orgaan. Linksom of rechtsom. Hij wordt geopereerd, al zou het mijn laatste cent kosten en al zou ik met hem de hele wereld over moeten gaan. Ineke en ik zouden ons diep in de schulden steken en hemel en aarde bewegen.

Als politicus moet ik een andere afweging maken. Is het te verdedigen dat de staat ons allemaal via de wet tot donor maakt en wij actief in het geweer moeten komen om dat terug te draaien? Moeten mensen wanneer het zo’n belangrijke beslissing betreft, die de integriteit van het menselijk lichaam – ook na de dood – raakt, niet actief en weloverwogen instemmen? Kunnen we niet alles uit de kast halen om mensen te bewegen donor te worden? Dat je bij het afhalen van je paspoort, rijbewijs of ID-kaart gevraagd wordt een keuze te maken wel of geen donor te worden? Is de situatie in België, waar je donor bent behalve als je actief hebt aangegeven dat niet te willen zijn, wel zo positief? Ik begrijp het standpunt van Kim, Ronald Giphart en van Jan Marijnissen van de SP volledig en respecteer dat, maar keuzes moet men actief maken. Voor een klassiek liberaal als ik staat dat vast.

Ik denk na over een vrije kwestie. Dat betekent dat alle 150 Tweede-Kamerleden op basis van hun geweten en niet op basis van fractie- of partij-overwegingen stemmen, maar zet je daarmee de kiezer niet buitenspel? Ik begrijp dat Kim hier niets aan heeft. Toch wil ik mijn rug rechthouden. Als politicus lukt dat. Als vader gaat mij dat niet goed af. Gelukkig weet ik dat mijn collega Anouchka van Miltenburg, die in het debat over orgaandonatie het woord voert, en alle andere VVD’ers in de Tweede Kamer ook met dit dilemma worstelen. We zijn mensen van vlees en bloed. Als politici mogen wij de emotie niet laten overheersen, maar medemenselijkheid moet, naast het verdedigen van beginselen, altijd een rol blijven spelen. De eerdere discussie over het kookboek van Ronald Giphart (met alle respect) en mijn duel met Jan Marijnissen over Barack Obama of John McCain vallen daarbij in het niet.



Klik hier om de betreffende uitzending te bekijken